schuiteltje-kleur

Je bent een KRAK.

Jullie zijn KRAKKEN, zei Patrick Mundus tegen Kitty Kilian en mij op twitter. Ik was een beetje beledigd en opende de conversatie om te kijken wat voor een domme dingen ik nu weer de digitale wereld in geholpen had. Het bleek mee te vallen. We hadden het over plugins om je website te beschermen tegen hackers. Maar waarom werd ik dan voor KRAK uitgemaakt? Ik zag verschillende betekenissen voor me die geen van allen erg positief waren.

kraken

Het begon bij een Kraken, het mythische zeemonster. De naam zegt al zoveel, vind je niet? Je hóórt gewoon het breken van de scheepsbalken als de Kraken het schip mee de diepte in trekt.

Ik bedacht ook nog een oude, krom getrokken man met een wandelstok. Een karate-move. Een koekje. Een onweerstaanbare hartenbreekster (de enige positieve uitzondering…. denk ik. Hoewel, hartenbreken is ook niet zo heel leuk)

kreukelOf bedoelde Patrick de kreukel, een slakje wat ik vroeger bij de Zeeuwse dijken verzamelde zodat mijn moeder ze kon koken? Daarna pulkten we het met een naaldje uit zijn schelp en aten we het op. Lekker maar ook niet erg vriendelijk om een eetbare slak genoemd te worden.

Ik zocht zelfs het werkwoord ‘krakken’ op voor het geval ik écht had liggen slapen tijdens de Nederlandse les.

Kitty was alerter en voelde dat het een grapje was. Na enig heen en weer getweet bleek ‘een krak’ in het Vlaams de betekenis ‘een uitblinker’ te hebben.

Dat had ik zelf niet kunnen verzinnen

Een leuk kado, dat vreemde woord. En zo in mijn schoot geworpen. Ik werd er helemaal blij van en schetste snel de illustraties bij elkaar.

Nieuwe woorden

Onze kinderen hadden, toen zij nog niet zo goed praatten, een grappige uitspraak. Ik vond hun woorden mooier klinken dan het ‘echte’ woord. We zeggen nog steeds knuggelen plaats van knuffelen. Omdat 2.0 de F niet kon uitspreken. Haar broer heette om dezelfde reden ook jarenlang ‘Ninne’. ‘Luizemij’ was ook een graag gehoorde. Die werd altijd gecombineerd met twee handjes op mijn wangen en een paar blauwe ogen die me indringend aankeken: luister naar mij.

Het mooiste zijn de nieuwe zelfstandig naamwoorden

Schuiteltje, zegt 3.0 als ze een beschuit met muisjes wil. Let op: niet te verwarren met het Vlaamse beschuitje bij de koffie.

schuiteltje-kleur

Schuitje varen of beschuit met muisjes?

Een Knusje is een knuffel en een kus in één.

En wat vind je van Stapelhuis, mijn persoonlijke favoriet? Dat zei 1.0 vroeger. Véél duidelijker dan KRAK. Stapelhuis heeft niet eens een tekening nodig.

Of wel?

Heeft jouw kind ook zo’n mooi, zelfverzonnen woord? Stuur het in. De 15 meest grappige en mooie inzendingen zet ik om in beeld en bundel ik in een gratis te downloaden e-book.

PS: aan de inzendingen kunnen geen rechten verleend worden. Aan de illustraties die van de woorden gemaakt worden ook niet ;)

2.0-slapend-op-de-bank

Stokpoppetjes

2.0-slapend-op-de-bankDaar ligt ze.

Ze slaapt.

Overdag!

Mijn kinderen spelen, klieren, schreeuwen en stuiteren in de woonkamer. Ze gebruiken de bank als springkussen. Of bouwen een hut van de kussens. Ze vechten er op, knoeien er op en hangen er in. Ze slapen er niet op. Altijd zo geweest. Ik heb daar geen zeggenschap over.

Mijn kinderen slapen alleen in hun bed…

Toch ligt ze daar op de bank, ineens was het stil.

De geur van rode kool vult de woonkamer. Lief kookt, we gaan zo eten. Ik schiet snel nog een foto voor ik de tafel dek.

De flits maakt haar wakker.

Sorry lieffie. Dat was nou ook weer niet de bedoeling.

Maar ze draait zich om en dut verder. Wat gaat er om in haar koppie? Maakt ze plannen voor nieuwe tekeningen? Droomt ze dat ze mijn mooie, witte salontafel versiert met oranje stift?

Onze 2.0 heeft de gewoonte overal haar stokpoppetjes te kalken. Lachende hoofdjes op twee gespiegelde L-vormige streepjes.

De houten kast heeft zo’n stokpoppetje. En de muur in de gang ook.

Bij de houten kast is een oog een knoest in het hout. En op de muur is het stootdopje van de deur zijn neus.

Ik zou er boos om moeten worden maar het lukt me niet.

Ik ben alleen maar trots.

Het-Monster-met-de-Duizend-Groene-Poten

Door kinderogen

Koppoters zag ik nooit

Mijn oudste kind bewandelde tot nu toe nooit de conventionele paden, ook niet op creatief gebied. Waar andere moeders trots de eerste koppoters van hun kroost toonden op Facebook en het familieblog, was mijn oogst slechts een schamele stapel bekrast papier.

In de kleuterklas verkondigde 1.0 luid en duidelijk dat tekenen STOM is. Hij ging liever bouwen. Een steek trok door mijn illustratorenhart. Maar mijn moederhart vermande zich. Ik slikte moedig een traan weg en glimlachte.

Juf sprak me troostend toe. “Wat niet is, kan nog komen.”

Koppoters kreeg ik niet.

Portretten ook niet.

Tekeningen van lachende mama’s en papa’s onder een lachende zon, ík ken het niet.

Op een dag had mijn zoon door dat je een potlood ook kunt gebruiken om te ontwerpen.

Dus kreeg ik cadeau-machines op papier. Met een volledige uitleg erbij, gedicteerd door zoonlief en opgeschreven door Juf. Stápels cadeau-machine-ontwerpen.

Even plotseling als de machines kwamen, verdwenen ze ook weer.

Koppoters kwamen er nog steeds niet.

Maar ik kreeg er iets heel bijzonders voor in de plaats.

MONSTERS!

Hele series werden vastgelegd. Lange, korte, met stekels, met vleugels, met duizend poten, harige en kale. Blije en boze monsters. Sommige verschenen zelfs onder een lachende zon.

Op een dag vroeg 1.0 of ik zijn monsters in wilde kleuren.

“Want als ik het doe ziet het er nooit zo mooi uit als bij jou”

Nu zijn we een jaar verder.

En de monsters van 1.0? Die heb ik, naar wens, ingekleurd op de computer.

Nou ja, een paar dan.

 

Want hij tekent ze een stuk sneller dan dat ze ik kleuren kan.
Het resultaat is verbluffend. Ik heb de lijn van zijn kinderhandje precies aangehouden en mezelf daarbinnen alle vrijheid gegeven.
.
Wat je ziet is een uniek samenwerkingsproject tussen kind en illustrator. Ik hoop dat er nog vele zullen komen.

Koppoters kreeg ik eindelijk.

Van mijn tweede kind.

Die trouwens óók een hekel heeft aan tekenen.

Maar wat niet is kan nog komen.

de knuffel -klein monster

Waarom een zeemansvrouw niet werkt als Lief net thuis is

“Natuurlijk werk je niet als je elkaar tien weken niet gezien hebt. Dan ruk je de kleren van elkanders lijf en je komt tien dagen de slaapkamer niet uit. Geen wonder dat je niets af hebt. “

Dat is dus in de film.

In het echte leven zit een zeemansvrouw, nadat je de enorme tas waar je een lijk in zou kunnen vervoeren, de kamer in gesleept hebt (toegegeven, hij sleept die lijkentas, jij trekt de trolley met wieltjes), naast haar man op de bank met een kop dampende thee.

Je probeert bij te praten terwijl drie kinderen op en om je heen stuiteren. Met de kinderen, die snotzoentjes gevend, gillend en zeurend naast je op diezelfde bank klimmen, geef je elkaar een lange kus.

Hij ruikt nog naar boot.

Lekker.zeemansvrouw -de knuffel -klein monster

Het normale leven begint met bijbehorende ‘eerste weken irritatie’. Het bijpraten, het zoeken naar een ritme. Je plek weer delen met de ander. Accepteren dat het niet meer precies gaat zoals jij bedenkt. Het onvermijdelijke en kribbige “ik heb je gemaild dat 1.0 om half acht naar bed gaat én ik zei dat op de eerste dag dat je thuis was” (in de eerste tien minuten, tussen het spervuur van kindervragen door, echt het beste moment wat je kon uitkiezen).

Je tekent veel minder als Lief thuis is. In theorie ben je veel vrijer. Je maakt makkelijker afspraken en je kunt al het werk aannemen wat uitgevers aanbieden. Er is iemand die het eten voor je kookt, de was doet en wanneer nodig de billen van 3.0 schoonveegt.

Toch weet je geen ideeën voor je blog te verzinnen. Je loop al een dikke week achter met je eigen illustratieve projecten en je denkt aan van alles maar in elk geval niet aan de zaken waar je mee bezig wil zijn.

Als Lief vaart ben je bezig met de kinderen, de klusjes en het werk. Die heerlijke kilometers op de fiets van het naar school brengen en halen, brainstorm je over tekeningen en projecten. Je wijst de kinderen op een overstekende fazant en je verzint het volgende onderwerp voor je blog. Je laadt de boodschappen in het netje aan de buggy en je ziet de oplossing voor een moeilijke illustratie.

Je bent niet bezig met Lief .

Maar die eerste week als hij thuis is… Je maakt een lijst van wat je niet moet vergeten te zeggen en wanneer je dat dan het beste kan zeggen. Je irriteert je aan de glazige blik, die onvermijdelijk en binnen enkele minuten opkomt als je een monoloog over de nieuwe kledingmaten van de kinderen houdt en wat nu in welke kast moet liggen (alsof jij nog zou luisteren bij zo’n verhaal).

Een week na Lief’s thuiskomst zit je in de trein naar Utrecht. Op weg naar een bespreking met een schrijfster en een animator voor een hoog gegrepen, maar als het lukt oh, zo waanzinnig project. Jíj dubt waarom je man in hemelsnaam de kinderen in februari zonder jas buiten laat spelen.

Dan weet je: STOP! Hierdoor werk je niet! Door dat gepieker en het zoeken naar elkanders draai. Laat je man gewoon je man zijn! Ruim je atelier op en jaag er, voor het eerst in tien weken, een stofzuiger doorheen!

Eenmaal thuis geef je Lief een dikke knuffel. Je vertelt enthousiast over de bespreking. En passant vertel je waarom je het gevoel had dat er aan alle kanten aan je getrokken werd maar de enige die trok was jijzelf. Lief snapt er niet veel van maar is allang blij dat jij blij bent.

Als de kinderen zich nu nog gedragen is de kans op stomende tien-weken-elkaar-niet-gezien-seks ook nog iets groter dan nul.

 

alleen op valentijnsdag

Als haar Lief op Valentijnsdag mailt dat hij niet naar huis komt.

alleen op valentijnsdagDan is dat best even klote.

Nee, schrik niet. Ze is niet gedumpt via email.

Ik zal het uitleggen.

Lief vaart. Op de Grote Vaart. En met zijn rederij spraken ze af dat hij voor 19 februari thuis zou komen want dat heeft hij hun 2.0 belooft. Zij is jarig.

‘We shall try for Antwerp’, vertelde de email van de rederij hen. Maar Antwerpse loodsen staken. En Lief vaart eerst nog naar Rotterdam, voor Antwerpen op de agenda staat (zo dichtbij, hoe wrang). De kans dat Lief op tijd thuis komt is dus klein.

Deze flexibele mama drinkt nu in een grote slok haar glas wijn leeg.

En ze denkt vooral níet aan de vermoeidheid van de afgelopen nacht, toen 2.0 haar bed onder spuugde en 3.0 haar voorhoofd en haren met snot beplakte. Ze denkt ook niet aan haar gecrashte MacBook Pro die zo fijn haar benen verwarmt als ze op de bank zit (zat) te bloggen. Ze denkt niet aan de supergave (maar nog geen geld opleverende) projecten die staan te springen om aandacht.

Noch aan de echoënde leegte in het postbakje waar de betalende opdrachten uitgeprint horen te liggen.

Dat ze alleen op Valentijnsdag is, deert haar niet.

Deze moeder denkt na over een verjaardag zonder papa.

Daarbij denkt ze het allerminst aan de waslijst met feestvoorbereidingen die ze op het laatste moment in haar eentje gaat doen.

Ze overpeinst of ze haar stuiterende -zondag word ik vier!- dochter vertelt dat ze pas zondag over een week vier wordt. “Want als papa thuis komt, dán ben je jarig,” was hun motto de afgelopen maanden, in een vruchteloze poging de eindeloze stroom vragen te stoppen.

 

dieren alfabet a van aap

Dieren Alfabet 2

Het eindresultaat

Hier zijn ze dan! De prachtige kunstwerken van klas 1a-2a van Basisschool De Wegwijzer in Teteringen. Er is hard gewerkt door de kinderen en het resultaat mag er zijn! De slideshow hierboven toont de bladzijden van het boekje wat ik maakte van de illustraties. Omdat de klas op dit moment minder kinderen telt dan er letters van het alfabet zijn, kan je in het boekje nog zelf aan de slag. Er zijn vijf dieren die nog een kleurtje en/of lapje kunnen gebruiken. Het fotoboekje is intussen besteld. Een inkijk exemplaar komt in de klas zodra deze door de postbode gebracht is. Voor nabestellingen kun je intekenen op de lijst op school of stuur me via het contactformulier een berichtje.-Kosten van een fotoboek: € 11,30 inclusief verzendkosten.

Ook op jouw school een dieren alfabet maken?

Een gastles kan in allerlei vormen en thema’s voorbereid worden in samenwerking met de docent. Voor de oudere kinderen is het leuk om projectmatig te werk te gaan. Daarbij komen verschillende dingen aan bod: samenwerken, nieuw inzicht in materiaalgebruik, hoofd,-en bijzaken, wat illustreer je en wat niet? Ze bedenken klassikaal of in groepen, binnen een thema, hun verhaal en werken dit in illustraties uit (bijv. elk groepje een hoofdstuk). Het eindresultaat wordt verwerkt tot een prachtig fotoboekje die iedereen kan nabestellen. Een leuke herinnering aan het project. Neem voor meer informatie kun je me een email sturen op of laat een berichtje achter onder dit artikel.